Inkomen

Direct Ingaande Lijfrente

Met een direct ingaande lijfrente krijgt u een uitkering zolang u leeft. U krijgt daarmee een aanvulling op uw inkomen. Als u de verzekering afsluit, spreekt u af hoe vaak en wanneer u de uitkering krijgt. U betaalt de premie in één keer. Dat noemen we een koopsom. De uitkering gaat over het algemeen meteen van start.

Twee soorten
U kunt kiezen uit twee soorten lijfrenten:

  • de levenslange lijfrente: u krijgt een uitkering zolang u leeft. Dit is gunstig voor als u oud wordt;
  • de tijdelijke lijfrente: u krijgt een uitkering voor een paar jaar. Of de uitkering stopt als u overlijdt.

Bij beide soorten lijfrenten kunt u minder geld terugkrijgen dan u heeft ingelegd. Bijvoorbeeld als u overlijdt vlak nadat u de verzekering heeft afgesloten. U heeft dan nog niet zoveel uitkeringen gekregen. Hoe kunt u dit voorkomen? Daarvoor heeft u twee mogelijkheden:

  • U spreekt af dat de uitkering overgaat op uw partner of nabestaanden. Hierdoor is de uitkering vanaf het begin wel lager. Voor de overgang kunt u ervoor kiezen dat de partner of nabestaanden dezelfde uitkering krijgen of een lagere.
  • U sluit een overlijdensrisicoverzekering af, ook wel contraverzekering genoemd. U betaalt daarvoor een extra premie.

Belasting
Regels over belastingen zijn erg belangrijk bij de direct ingaande lijfrente. Deze stellen vooral grenzen aan de looptijd en hoogte van de tijdelijke lijfrente. Dat betekent dat u de duur en hoogte van de uitkeringen niet helemaal zelf kunt kiezen.

Hoe hoog is mijn uitkering?
Als u de verzekering afsluit, spreekt u af hoe hoog uw uitkering is. De hoogte hangt af van:

  • de hoogte van de koopsom;
  • de hoogte van de rente;
  • uw leeftijd;
  • de duur van de uitkering;
  • of de uitkering overgaat op uw partner of nabestaanden als u overlijdt

Arbeidsongeschiktheid

Als u arbeidsongeschikt bent, kunt u minder of helemaal niet meer werken. U heeft dan geen of minder inkomen. Dan kunt u misschien niet meer al uw vaste uitgaven betalen. Met vaste uitgaven bedoelen we de kosten die iedere maand terugkomen, bijvoorbeeld voor de huur van uw huis. Die vaste uitgaven noemen we ook wel vaste lasten. Met een arbeidongeschiktheidsverzekering kunt u een aantal vaste lasten verzekeren voor als u arbeidsongeschikt bent. U krijgt daarvoor dan een uitkering.

Voor wie is een arbeidsongeschiktheidsverzekering?

De arbeidsongeschiktheidsverzekering is voor iedereen die vaste uitgaven heeft. Hieronder vallen:

  • werknemers;
  • directeur-grootaandeelhouders (DGA’s);
  • zelfstandige ondernemers;
  • zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers);
  • vrije beroepsbeoefenaren.

Welke risico’s zijn verzekerd?

Als u arbeidsongeschikt bent, kunt u misschien niet meer al uw vaste lasten betalen. Met een arbeidsongeschiktheidsverzekering bent u daarvoor verzekerd.

Wat zijn vaste lasten bijvoorbeeld?

  • kosten van uw huis, zoals huur, rente en aflossing van de hypotheek en onroerende zaak belasting (OZB);
  • premies van verzekeringen, bijvoorbeeld een levensverzekering, inboedelverzekering of opstalverzekering;
  • rente en aflossing van een persoonlijke lening of een doorlopend krediet;
  • studiekosten van uw kinderen;
  • alimentatie.

Hoe hoog is het bedrag dat ik kan verzekeren?
U bepaalt van tevoren welke vaste lasten u wilt verzekeren. U moet meestal wel een minimaal bedrag verzekeren. En u kunt meestal niet meer dan een maximumbedrag verzekeren. De hoogte van het bedrag spreekt u af met uw verzekeraar.

Hoe hoog is mijn uitkering?
U verzekert een vast bedrag. Hoe hoog uw uitkering is, hangt af van hoeveel procent u arbeidsongeschikt bent. In de polisvoorwaarden staat hiervoor een tabel. Bijvoorbeeld, u bent tussen de 35 en 45 procent arbeidsongeschikt. Dan krijgt u een uitkering van 40 procent van het verzekerde bedrag.